dinsdag 19 augustus 2014

Duik in het verleden

Blog 8

Duik in het verleden

Dat ons boek “Op een dag zullen ze ons vinden” zo’n vervolg zou krijgen hadden we nooit gedacht. We hoopten wel dat het misschien anderen, zou kunnen aanzetten tot nader onderzoek.
Maar zie, onverwacht kwamen vorig jaar Arjan van Westen en Monique Schoutsen bij ons met hun idee om een documentaire van deze geschiedenis te maken. Hij is Zeeuw,  historicus en journalist, Monique is filmer. Na vooronderzoek vorig jaar hebben zij inmiddels in Zeeland, België en Brazilië gefilmd en in het najaar zal de documentaire “Braziliaanse Koorts” uitkomen. Eén van de laatste interviews hielden zij met ons.

Documentaire Braziliaanse Koorts
Ter voorbereiding van die sessie haalden wij uit die periode van alles uit de kast: een overdaad aan foto’s, Super8 filmpjes, rapporten, brieven, artikelen, rondzendbrieven en enkele attributen. Het is immers al zo langgeleden en onze oude hersentjes hebben wel een geheugensteuntje nodig. We doken in het verleden, in de periode 1975 tot 1983 toen wij in Espírito Santo werkten en meehielpen bij de opbouw van basisgroepen en gemeenschappen binnen de Lutherse kerk. Veel was weggezakt, na 30 jaar. Maar nu kwam ons leven in die tijd weer terug.
Wij hebben het geluk, dat we met veel plezier op die tijd terug kunnen kijken. We beleefden weer opnieuw onze activiteiten, ons leven en werken. Maar ook de keuzes die wij toen maakten, ons engagement, ons geloof en leven. De vragen van de interviewers confronteerden ons ook met ons denken en handelen van toen.

Zou ik nu in 2014 andere keuzes maken, vroeg ik mij af. Nu, een stuk ouder geworden in een andere werkelijkheid, met  andere ervaringen, andere motivaties en veranderd geloof. Niet, of toch wel? Niet denk ik in m’n betrokkenheid met mensen die aan de rand van de samenleving worden geschoven met de mensen in het Inloophuis, maar wel vanuit een andere motivatie en inspiratie. De theologie van de bevrijding stond toen centraal in ons werken en leven.

Basisgroep Pao Amarelo, 1978.
Ik vertelde de mensen over de belofte van God van een nieuwe hemel en een nieuwe aarde waar recht gedaan wordt aan de armen. Waar de bouwvakarbeiders die nu in de krottenwijken wonen dan zelf kunnen wonen in de huizen die zij bouwen. De boerenfamilies zonder grond zullen dan zaaien en oogsten op eigen grond en de kinderen zullen geen vroegtijdige dood sterven. De vrouwen die kleren wasten voor de dames in de stad vulden aan:

“Wij zullen kleren wassen maar die zelf ook kunnen dragen”.
“Die wereld, daar moeten we niet op wachten”, verkondigde ik. “Niet wachten tot die zomaar komt of verwachten in het leven na de dood. Nee, we moeten die nu, met moeite en strijd naar ons toe trekken. Amen”.
                                     Inloophuis Schothorst, 2014.

Zou ik dat nu ook herhalen in het Inloophuis? Nee, of toch wel? In deze rauwe wereld met miljoenen armen en vluchtelingen? Was het niet een marxistische utopie in een christelijke boodschap?
Maar als ik geen toekomstbeeld meer heb, geen utopie, ook al ben ik de 75 jaar al gepasseerd, wat is dan de zin van mijn leven? In de film Boyhood stelt Simen een jonge adolescent aan zijn vader de vraag naar de zin van het leven. Zijn vader is even stil, maar zegt dan: “Leef met veel plezier je leven, want wat heeft het leven voor zin als we geen plezier kunnen maken?” Er is nogal wat veranderd. Nu lees ik met veel belangstelling over God 3.0 en over Religie voor atheïsten en probeer op mijn oude dag, mijn verleden te rijmen met het heden en andersom, maak plezier, speel mijn spel met in mijn hoofd nog altijd de utopie van “een nieuwe hemel en een nieuwe aarde”. 
                                     Die duik in het verleden heeft mij goed aan het denken gezet.



______
God 3.0, hoe ziet god er uit in de 21e eeuw?, André Droogers, Parthenon, 2014. ISBN | EAN 978 90 79578 603
Religie voor atheïsten, Alain de Botton, Atlas contact, 2011, ISBN 978 90 450 2257 4


dinsdag 8 juli 2014

Emoties

Blog 7
    



   Emoties 



Blog 7 - 08-07-14
Vanavond gaan we weer,
De spelen bereiken hun hoogtepunt! De goddelijke kanaries van Brazilië stralen. Maar ook de 'maquina laranja' de oranje machine draait nog mee  op volle toeren.  
Brazilië zal vanavond de groene mat weer betreden. De gouden “canarinhos” komen dan op rij het veld opwandelen met de hand op de schouder van de voorganger en stellen zich op, stoer zij aan zij met de armen om elkaars schouders, sommigen sluiten de ogen als in gebed en richten hun hoofd op naar de hemel, en zingen: “Ouviram do Ipiranga as margens placidas de um povo heroico retumbante…” 

Daarna komt het… de muziek valt uit en heel het volk zingt, já schreeuwt: “Brasil, um sonho intenso, um raio vivido, de amor de esperança à terra desce”. Geweldig, ik krijg er koude rillingen van.
Ik zie mijzelf als 11/12 jarige te midden van alle schoolkinderen van Alphen voor het Raadhuis staan, met een grote oranje sjerp om mijn nek schuin over mijn magere borstkas. Zo mager als ik was na de oorlog zo luid en serieus zong ik het Wilhelmus mee met honderden kinderen. Ook het vlaggenlied: “O schitterende kleuren van Nederlands vlag, wat wappert gij fier langs de vloed”. De rillingen liepen over mijn rug.
Tijdens de tienjarige militaire dictatuur in Brazilië werd met grote bilboards het volk gewezen op de plicht om van Brasil te houden: “Brasil, ama o ou deixa”, heb het land lief of verlaat het. Elke maandagmorgen zongen Marjon, Jacolien en Mário op school de Hino Nacional en het vlaggenlied van Brazilië. Deze dagen, na veel ge-app heen en weer en een paar aanvullende woorden van Davies de Lima Monteiro die bij ons op bezoek was, hebben zij de tekst weer op een rijtje.
Brazilianen zijn trots op hun vaderland en dat laten zij horen in het volkslied: - Op de oevers van de Ipiranga (vroeger een rivier, nu een vervuild beekje in São Paulo) is te horen over een heldhaftig volk, over de zon van vrijheid die straalt aan de hemel van het vaderland. Met vastberadenheid wordt de vrijheid van het geliefde vaderland verdedigd, zo nodig met inzet van eigen leven. (Zoiets als: Het vaderland getrouwe, blijf ik tot in den doet) Er wordt gezongen over Brazilië, een indringende droom, een lichtstraal van liefde en hoop, waar aan de heldere schone hemel het beeld van het kruis schittert. Groot door haar natuur, haar schoonheid en een toekomst die de grootheid van het land weerspiegelt. 
Kijk, dat is nog eens een tekst! Een korte vertaling die ik vond van het uitgebreide en in pompeuze taal geschreven volkslied dat uit twee delen bestaat. De Braziliaanse wet heeft ook bepaald dat het lied instrumentaal één maal ten gehore mag worden gebracht, maar wordt er meegezongen, dan moeten beide delen in zijn geheel gezongen worden.
Nationalisme ligt hier op de loer en een kritische geest lijkt mij wel belangrijk. Maar, wie weet, komt er een finale met Nederland - Brazilië! Dan zingen de Brazilianen “Wij houden van Brasil” en wij “Wij houden van Oranje”!     

Heisa om de Hexa 
Een explosie van vreugde bij die ene treffer. Brasil “Rumo ao Hexa!”, op naar het zesde wereldkampioenschap! Dan vergeet je toch even de misére? Maar er is veel heisa rond die hexa Brasil. De favela's zijn 'gepassificeerd' of bezet door het leger, talloze families weggestuurd uit hun huisjes om plaats te maken voor stadions, krotten opgeruimd of weggemoffeld achter enorme bilboards. Kosten nog moeiten zijn gespaard om de spelen tot een succes te maken en de almachtige FIFA stelt haar eisen en dicteert de regels. 

Massaal werd er geprotesteerd tegen de uitgaven van miljarden voor de spelen, terwijl het onderwijs precair, de gezondheidszorg achter loopt en met grote tekorten kampt, het openbaar vervoer een chaos is, de politie onderbetaald wordt en in staking ging.
Boven: In het stadion werden 12.500 zitplaatsen bijgebouwd 
Onder: En hier?

Om niet te vergeten 

In juni 2012 viel het eerste slachtoffer, een hulpje van een timmerman viel van het dak van het stadion in Brasilia. Tijdens het werk aan het stadion van Corinthians in São Paulo kwamen door ongelukken om:

- Fábio Hamilton da Cruz, 39 jaar
- Ronaldo Oliveira, 44 jaar
- Fábio Luiz Pereira, 42 jaar.

Tijdens het werk aan de 
Arena Amazônia in Manaus: 
- José Pita Martins, 55 jaar    
- Marcleudo de Melo Ferreira, 22 jaar   
 - Antônio da Silva Nascimento, 49 jaar
- Raimundo Nonato Lima da Costa, 49 jaar




dinsdag 15 april 2014

Een weerzien na 50 jaar

“Vreugde, vreugde, louter vreugde” zongen wij uit volle borst en met tranen in de ogen toen wij in maart 1964 ons diploma ontvingen uit handen van Ds Buitink, directeur van De Jelburg in Baarn. We sloten een vrolijke en rijke periode af waarin we opgeleid werden om te gaan werken als jeugdleider en jeugdleidster op het terrein van jeugdvorming en volksontwikkeling. De Jelburg was een Gereformeerde opleiding. Wie er in die tijd wilde studeren moest al wel gewerkt hebben en het liefst ook een beroep uitgeoefend want de gedachte was “jeugdleider kun je niet je hele leven blijven doen”.

Met twintig studenten begonnen we op 1 september 1961 aan de opleiding met de verplichting te komen wonen in het internaat van De Jelburg, zodat we als toekomstige groepswerkers aan den lijve konden ervaren wat het is om in een groep te leven en groepslid te zijn.

Logisch, dat wij 16 meisjes en 4 jongens in de leeftijd van 18 tot 24 jaar, intensief met elkaar optrokken. Wij waren het 5e jaar en gingen de geschiedenis in als het 'Shalomjaar'. Begeleid door de docenten gingen voor ons, die bijna allemaal uit een gereformeerd nest kwamen, ramen en deuren open. Ds Buitink zorgde er voor dat een flink aantal heilige huisjes omver gingen en wij opnieuw leerden kijken naar de samenleving vanuit een ander evangelisch perspectief dan wij gewend waren. Na een jaar en vier maanden opleiding en internaat deden we ieder op een aangewezen plek in het land een jaar lang stage. De meesten van ons in de toen bekende Jeugdhavens, kerkelijke stichtingen met een sociaal en diaconaal karakter. Na het stagejaar kwamen we terug in Baarn om in drie maanden een afstudeerscriptie te schrijven.
Het is dus 50 jaar geleden dat wij met 15 van de 20 studenten ons diploma kregen. 

Toen min of meer toevallig enkele oud-studenten elkaar ontmoetten en dit ontdekten was dit voldoende motief om te bezien of er een reünie was te organiseren. Een speurtocht naar de oud-studenten was het gevolg en dankzij internet konden we hen allemaal terugvinden. Twee zijn in die periode overleden. Er kwamen enthousiaste reacties, wel met enige schroom. 
Enkele reacties:
-      “Ik zelf had zo mijn twijfels hoe het zou zijn om elkaar na zo'n lange tijd weer te zien en te spreken”.
-      “Enerzijds zie ik er tegen op, anderzijds verheug ik mij er weer op”.
-      “Met enige opwinding en betwijfeld verlangen zie ik uit naar de dag 
van onze ontmoeting”.





Zoals in september 1961 kwamen we op 27 maart 2014 aan op het station in Baarn. Onze ontmoeting in restaurant De Generaal was vreugdevol, ontroerend en verrassend. We moesten elkaar even goed in de ogen kijken, maar vonden elkaar spoedig terug.
-“Een van de bijzondere ervaringen was dat ik bij ieder van jullie iets herkenbaars zag. Of het nu een gebaar, een oogopslag, de stem was of wat anders, het bracht mij iets heel vertrouwds en daar genoot ik van”
-“Na de eerste schok dat ik niet direct iedereen herkende, werden jullie allemaal weer  heel herkenbaar en vertrouwd voor me”.
-“Je voelde dat je een stuk geschiedenis samen hebt. Een stuk leven waarin je veel positieve dingen beleefd hebt als een familie”.

Ieder vertelde in 5 minuten enkele markante punten uit zijn of haar leven en of de opleiding aan de Jelburg ons leven heeft verrijkt of beïnvloed. Dat waren warme momenten waarin wij de groepssfeer van weleer ervaarden en het vertrouwde gevoel weer boven kwam. Wij vonden allemaal dat de Jelburgtijd, de opleiding en het groepsleven in het internaat een onuitwisbare tijd is geweest die in heel ons verdere leven, hoe verschillend een ieder die ook ingevuld heeft van grote invloed is geweest. Voor velen was een basis gelegd voor het leven, met veel creativiteit en ruimte in geloven, leven en laten leven. De studie, maar ook de contacten met de docenten, niet in de laatste plaats Ds Buitink, waren bepalend voor werk en keuzes in ons latere leven.

Na deze enerverende nieuwe kennismaking wandelden we door Baarn naar de gebouwen waarin de Jelburg was gehuisvest. Zij staan nu grotendeels leeg en zijn in het bezit van een vastgoed ondernemer. Van de oude muziekkapel achter het huis kregen we de sleutels en zo gebeurde het dat na 50 jaar wij, als ruim 70 jarigen, opnieuw in de muziekkapel ons lied  “Vreugde, vreugde, louter vreugde” zongen.  

We zongen niet alle coupletten. Niet iedereen kan het lied nr 287 uit de bundel van Johannes de Heer meer zo doorleeft en van harte meezingen. We hadden enkele coupletten met een eigen tekst gemaakt. 
Plots vroeg één van ons: “Wie gelooft er nog in God?” Na een kleine verlegen stilte kwamen daarop zeer verschillende reacties.  

Door één van ons samengevat: 

Het werd voor mij een bijzondere dag, vol licht, vreugde, spiritualiteit en herkenningen en alles in een sfeer van openheid en vertrouwen”.






vrijdag 27 december 2013

De bakker met een boodschap

Blog 5
Kerst 2013, Otrobanda - Curaçao





In Curaçao kwamen wij uit de supermarkt Bon Bini gelopen en bij het oversteken zag ik een bestelauto van een bakker. Niks bijzonders, maar achter de naam van de bakkerij stond  geschreven: Jesaja 55. Op weg naar huis dacht ik die gelovige bakker wil een boodschap uitdragen, wat wil hij zeggen met die tekst? Op ons logeeradres bij Mário zocht ik het even op:  



Hierheen! Hier is water,

voor ieder die dorst heeft.

Kom, ook al heb je geen geld.

Koop hier je voedsel en eet.

Kom, koop voedsel zonder geld,

koop wijn en melk zonder betaling.


Daar zal de bakker niet rijk van worden, dacht ik. Of wil hij de tekst die er op volgt doorgeven?


            Waarom geld betalen voor iets dat geen brood is,
je loon besteden aan wat niet verzadigen kan?
Luister aandachtig naar mij,
en je zult ruimschoots te eten hebben
en genieten van een overvloedig maal.
Leen mij je oor en kom bij mij,
Luister, en je zult leven.

Zo rijdt de bakker rond op Dushi Korsou met toch een mooie boodschap niet? 

Dinsdag werd op de marinebasis in de open lucht een massaal bezochte oecumenische kerstnachtviering gehouden. Er werd gecollecteerd voor de voedselbank Curaçao die elke maand 300 voedselpakketten verstrekt. 

We verblijven nu bij onze kinderen en zijn te gast in een samenleving die nogal verdeeld is en waarin velen moeten ploeteren om brood op de plank te krijgen en anderen in overdaad leven. Niets nieuws.
Toen Margje en ik gingen studeren aan de Jelburg (1961-1963) bereidden we ons voor om in achterstandswijken aan de slag te gaan met jeugd en jongeren. We zagen in de zestiger jaren de tegenstellingen in De Pijp en de Jordaan in Amsterdam en in volksbuurten van Amersfoort. We zagen die tegenstellingen op de meest schrijnende manieren in Brazilië en ook hier in Curaçao.
In elke samenleving ontstaat wel een beweging die zoekt naar bevrijding uit armoede en onderdrukking. Vaak met leiders die door de elite aangeduid worden als “populisten”. Op Curaçao is zo’n “populist” tijdens de opgang van zijn partij, die het zelfs tot deelname aan de regering leidde, vermoord. Helmin Wiels ging een visje kopen aan het strand bij Mari Pompoen en enkele schoten maakten een eind aan zijn leven.

Op mijn verjaardag waren we op die plek en aten ook een visje op het strand onder een prachtige sterrenhemel en opkomende maan. Als verrassing kreeg ik een mooie papieren ballon met onderin een brander aangeboden door onze kinderen en kleinkinderen in Arnhem en meegesmokkeld door Margje. Na enige moeite vatte de brander vlam en vulde de ballon zich met hete lucht. Langzaam voelde ik hem uit mijn handen glippen omhoog. De wind nam hem mee en dreef hem over zee, verder en verder. Geboeid bleven we staan kijken naar het lichtje dat kleiner en kleiner werd tot het niet meer te zien was. Een prachtig slot van mijn verjaardag. 

Daarna wandelden wij van het strand af en stonden even stil bij de plek waar Wiels werd neergeschoten.
Vermoord op 05-05-2013
Hij werkte vroeger als maatschappelijk werker in de achterstandsbuurten van Curaçao. Hij begreep dat er politiek veel moest veranderen en de corruptie bestreden moest worden om ooit eens te komen tot een rechtvaardiger verdeling van het dagelijks brood. Hij richtte een partij op: Pueblo Soberano. Zijn dagelijkse radiotoespraken in het Papiaments werden door velen beluisterd en bij de snacks werd over hem gesproken. Hij maakte campagne onder het volk, op straat in de buurten waar politici niet zo gemakkelijk komen. De partij groeide en groeide. Tot enkele schoten klonken aan het strand van Marie Pompoen. Kwade geesten dachten: tot hier en niet verder.

Dreigt de boodschap van Helmin Wiels dat voor velen een lichtje was voor verandering als de hete luchtballon te verdwijnen aan de horizon? Of heeft zijn lichtje mensen aangestoken om te blijven streven naar meer gerechtigheid en eerlijk delen? We deelden het brood op kerstavond in de kerstnachtviering met zeker driehonderd mensen. Als we rechtvaardig gaan delen is er geen voedselbank meer nodig. In Curaçao niet, in Nederland niet en Brazilië niet.

De boodschap van Jesaja waarmee de bakker rondrijdt geeft toch moed en kracht voor het nieuwe jaar om te blijven streven in onze samenleving naar eerlijk delen.

            Zoals regen neerdaalt uit de hemel
en daarheen niet terugkeert
zonder eerst de aarde te doordrenken
haar te bevruchten en te laten gedijen
zodat er zaad is om te zaaien
en brood om te eten.


vrijdag 8 november 2013

Tambú, a freedom song

Blog 4

Naar Curaçao

Over een maand, om precies te zijn 6 december hopen Margje en ik te vertrekken naar Curaçao. Twee maanden hopen we door te brengen bij onze kinderen Marjon en Russell en Mário en Anita om met hen een poosje mee te leven in de Curaçaose realiteit van alle dag. 
Een warme Caribische realiteit met een bevolking rijk aan creativiteit. Het kleine eiland telt opvallend veel musici, schilders, beeldhouwers en dichters. Kunst is overal te vinden, in alle lagen van de bevolking. Maar ook een gecompliceerde samenleving van mensen met zeer grote culturele verschillen en economische mogelijkheden. Ik hoop in de volgende blogs vanuit Curaçao berichten te sturen over ontmoetingen en ervaringen met mensen die hun leven vorm geven op Dushi Korsou. 


Het Volksoperahuis Amsterdam en Theater Luna Blau van Curaçao brengen "Tambú, a freedom song" in de Nederlandse theaters. Nog tot eind november te zien. Zie: http://het.volksoperahuis.nl/ 
Ga dat zien! Natuurlijk ook omdat onze schoonzoon Russell 'Konkie'Halmeyer, steelpannist te zien en te horen is in dit theaterstuk! In Amersfoort op 14 november, 
Theater De Lieve Vrouw, 20.30 uur.

Muziektheater over koloniaal verleden



150 jaar nadat in Nederland de slavernij werd afgeschaft, herneemt Het Volksoperahuis een van de grote theaterhits van Oerol 2012. In ‘Tambú, a Freedom Song’ verpakken Curaçaose artiesten en de vaste kern van het muziektheatercollectief het gedeelde verleden van Nederland en Curaçao in een ontroerend én kritisch verhaal over twee halfbroers. Eén is hosselaar in Willemstad, de ander atleet in Rotterdam. Als zij elkaar na lange tijd ontmoeten, ontbrandt er een strijd over afkomst, ambities en identiteit. De muziek is van Jef Hofmeister, Izaline Calister en een Caribische band.
Tekst en muziek: Jef Hofmeister en Elia Isenia • regie: Kees Scholten • met: Jef Hofmeister, Kees Scholten, Izaline Calister, Albert Schoobaar, Konkie Halmeyer, Raymond ‘Ompi Tio’ Justiana, Pierre Dunker e.a.
De tambú is een Curaçaose trommel, een kleine conga gemaakt van een rumvaatje bespannen met geitenvel. Het is ook de naam voor de muziek die eraan verbonden is. Zo’n trommel, geërfd van hun vader, staat in de voorstelling Tambú symbool voor de identiteitsstrijd tussen tweebroers en voor het culturele erfgoed van
De broers zijn afzonderlijk opgegroeid in Nederland en Curaçao. De een is zwart, gespeeld door Albert Schoobaar, de ander een dubbelbloed, gespeeld door Kees Scholten. De ene broer is topsporter en staat voor de keuze of hij voor Nederland of voor Curaçao moet uitkomen. Dat is in feite het dilemma van iedere Curaçaonaar die in Nederland studeert: blijf je hier om carrière te maken, of ga je terug om je land op te bouwen, met alle problemen van dien. 
De relatie tussen Curaçao en Nederland, het slavernijverleden en het kolonialisme komen allemaal langs; een sterke rode lijn die al die thema’s bijeenbindt had de voorstelling goed gedaan. Door het snelle schakelen dreigde het verhaal te verbrokkelen, hoewel het schitterend culmineerde in het slotlied van Izaline Calister. Zij zong een tambú zoals weinigen dat in Nederland kunnen. De muziek veranderde de sfeer en verplaatste het verhaal zich van de eilanden naar Rotterdam en weer terug naar Curaçao, en via de muziek werden de personages feilloos geportretteerd. De scène die zich afspeelde in de Campo Allegre, een bordeel op Curaçao waar de vader zijn frustraties wil vergeten, trof mij bijzonder.  Albert Schoobaar zette een van die hoeren zo schrijnend neer dat de hele zaal de adem inhield. Opzulke momenten was de combinatie van spel en muziek op haar best en drong de tragiek van de situatie zich onontkoombaar aan je op.
Gastrecensent John Leerdam is PvdA, politicus en theatermaker. 

vrijdag 1 november 2013

Geweld laat sporen na in Brazilië

Blog 3

Beste vrienden,
Deze blog lag klaar om te verzenden, maar dan, plotseling staat het leven even stil en is je verhaaltje niet meer belangrijk. Het niet onverwachte overlijden van een dierbare vriendin van ons zette mij op slot en maakte sprakeloos. Gevlucht uit Argentinië kwamen Regina en Enzo in 1981 naar Nederland. Regina was actief in groepen van Kerk en Vrede, in het opsporen van verdwenen kinderen in Argentinië, in de Werkgroep Latijns Amerika en andere clubs die strijden tegen onrecht. Verdriet en rouw vonden tijdens de afscheidsbijeenkomst een bedding in woorden en muziek. Muziek uit Latijns Amerika: "Gracias a la vida, que me ha dado tanto", dank aan het leven dat me zoveel heeft gegeven, zong Mercedes Sosa, troostvol. Ook zij moest vluchten uit haar moederland. Haar liederen inspireren velen om de strijd voor gerechtigheid niet op te geven.  

Brasil protestos 2013    
Uit een brief van Roberta de Barros, (CAMM, Centrum opvang straatkinderen in Recife)  Brazilië:


Prezados e queridos amigos,

          “Jullie zullen in jullie steden een beetje van de situatie waarin wij in onze steden leven gezien of gelezen hebben. Er groeit een grote beweging die protesteert tegen de enorme verspilling van geld voor de spelen van 2014 en 2016. In onze stad Recife, was op 20 juni een protest dat ongeveer 60.000 mensen op de straat bracht. Ze werden met extreem geweld uiteen geslagen. Maar ik voel op dit moment een veel groter geweld: 
we hebben geen onderwijzers en de scholen functioneren in de slechtste omstandigheden, het zijn bijna kleine gevangenissen met tralies en politieagenten in de deuren “om de orde te handhaven”. In de arme wijken hebben velen geen voldoende drinkwater. Het regenwater mengt zich met de open riolen. Het openbaar vervoer is van de slechtste kwaliteit, we moeten gemiddeld 50 minuten staan, hangend in de lus, zonder ventilatie. In onze staat Pernambuco heeft de gouverneur uit angst voor geschreeuw op straat de prijs van een buskaartje verlaagd met 10 cent. Het geweld op straat is groot. Ik denk dat lichamelijk geweld zichtbare sporen nalaat en geestelijk geweld stille schade. 

We wachten nu vol spanning op de volgende stappen van deze beweging.

Roberta de Barros


Ondergronds groeit de beweging door en is niet meer te stoppen. Dankzij de sociale media kan elk moment weer een menigte van duizenden jongeren gemobiliseerd worden. Moderne communicatiemiddelen winnen het van repressief geweld. Laten we hopen op geweldloze veranderingen.

Presidente Dilma Rousseff heeft tijdens haar verkiezingscampagne beloofd dat zij de gezondheidszorg, het openbaar vervoer en het onderwijs zal verbeteren. Tot nu toe is zij daar niet aan toe gekomen. Zij wacht met smart op de miljarden dollars die Brazilië wil ontvangen voor de exploitatie van het Libra-veld, één van de grootste diepzee olievelden ter wereld. Het Libra-veld ligt 170km uit de Braziliaanse kust voor Rio de Janeiro en op 3,5 km onder de zeebodem en is goed voor 8 tot 12 miljard vaten olie per dag.

In drie minuten geprivatiseerd!
In drie minuten tijd, schreef een Braziliaanse krant, verkreeg een consortium van 5 bedrijven de rechten voor de exploitatie van dit olieveld.
63 Organisaties hadden brieven gestuurd naar presidente Dilma Rousseff met het verzoek de openbare verkoop onmiddellijk te stoppen. In Rio gingen velen de straat op bij het hotel waar de deal bezegeld werd. Zij zijn het niet eens met de verkoop omdat ze vinden dat het land afstand doet van haar rijkdommen. De minister van justitie zette 1100 agenten in om de openbare verkoping van de rechten tot exploitatie van het Libraolieveld te garanderen en rustig te laten verlopen. De demonstranten raakten slaags met de politie en er vielen gewonden. Hij betreurt de gewonden die gevallen zijn, maar de veiligheid van het evenement was met succes gewaarborgd volgens hem en zei niets over het feit dat helikopters met rubberkogels hadden geschoten op de demonstranten. (Canal Ibase) 
 

Bekijk de fotoserie op nrc.nl:
http://www.nrc.nl/inbeeld/2013/10/22/brazilianen-woedend-over-verkoop-olierijkdommen/

Shell 100 jaar actief in Brazilië.
Shell begon haar activiteiten in Brazilië al op 9 april 1913. Die honderd jaar kan zij nu vieren want ook Shell maakt deel uit van het consortium. Shell is er al met twee schepen actief. Het consortium bestaat uit het Braziliaanse Petrobras 40%, Shell 20%, Total 20% en twee Chinese bedrijven elk 10%. De bedrijven hebben beloofd over een periode van 35 jaar het minimum van 41,65 procent van de olie die overblijft als alle kosten zijn gedekt, aan de overheid te zullen afstaan.
Zal dat echt ten goede komen aan het onderwijs, gezondheidszorg en openbaar vervoer, zoals de presidente dat wil? Of vloeien straks de winsten als olie zo glad in de zakken van enkelen?  

Documentaire Braziliaanse koorts wordt realiteit!
Bijna € 19.000 is er nu beschikbaar voor het maken van een documentaire over de geschiedenis van de Zeeuwen in Brazilië. Een enorme oppepper was een anonieme gift die de realisering van de documentaire mogelijk maakt. Nog een hele maand om mee te doen om zo mogelijk de begroting van € 25.000 sluitend te maken. Kijk op de website http://www.braziliaansekoorts.nl/                                                                                                                                                

 


zondag 13 oktober 2013

Adriaan van Dis en Braziliaanse koorts


Mijn Blog
Regelmatig komt de gedachte bij mij op om een verhaal, een gebeurtenis, een actualiteit of iets moois vanuit mijn leefwereld op te schrijven om deze dan geheel vrijblijvend door te geven aan wie het maar wil lezen. Nu moet het er maar eens van komen en heb ik mij aangemeld als Blogger op de website. Iedereen kan mijn Blog zo die wil bekijken, weg klikken of lezen, reageren of niet. En wie geïnteresseerd is kan mijn Blogs gaan volgen.

Op een dag zullen ze ons vinden
We stonden op een kunstmarkt in Oostburg, West Zeeuws Vlaanderen om aan crowd funding te doen voor de documentaire 'Braziliaanse koorts' die Arjan van Westen en Monique Schoutsens willen maken over de geschiedenis van de Zeeuwse landverhuizers die wij beschreven hebben in ons boek 'Op een dag zullen ze ons vinden'. Het was voor ons een vreemde gewaarwording om in Brazilië enkele jaren nauw betrokken geweest te zijn bij de nakomelingen van die landverhuizers, nu op de markt te staan in het hartje van Zeeuws Vlaanderen en de Zeeuwen op te roepen belangstelling te tonen voor deze geschiedenis en voor de nakomelingen die in Brazilië leven. Samen met de documentaire makers stonden Margje en ik achter de kraam met stapels van ons boek, dat inmiddels niet meer bij de uitgever te koop is maar alleen in eigen beheer verkrijgbaar. Wij ondersteunen dit project van harte en het moet toch kunnen dat er voor het einde van de maand november 10.000 Euro op de teller staat. Nog slechts €1700 is nodig. Zie www.braziliaansekoorts.nl


                                     links Monique Schoutsen rechts Arjan van Westen


Film by the sea
Tijdens ons verblijf in Vlissingen speelde het jaarlijks filmfestival 'Film by the sea'. Naast het promoten van de documentaire was dit een prachtige gelegenheid voor ons om een aantal boeiende films te gaan zien. In het kader bvan film en literatuur waren er lunches georganiseerd en wij schreven ons in voor een "Lunch met Adriaan van Dis". Niet alleen omdat Margje fan is van de boeken en reisverhalen van Adriaan van Dis, maar ook omdat zij een oude foto in haar bezit heeft van haar overgrootmoeder 'van Dis'. Die foto wilde zij aan hem laten zien. En wij konden hem dan ook ons boek geven en signeren en natuurlijk de documentaire promoten. Voor de lunch uit vonden we hem in het cinecafé en hadden een geanimeerd gesprek, waarin Margje met hem namen en verbintenissen van hun voorouders uitwisselde. Hij was ook zeer geïnteresseerd in ons boek en gaat het zeker lezen. Een medewerkster van Film by the sea maakte onderstaande foto waarin Adriaan van Dis de folder voor de te maken documentaire laat zien en wil zeggen: doe mee.


Onderwerpen
De Blogs zullen hoofdzakelijk gaan over ervaringen, gebeurtenissen en belevenissen uit heden en verleden in Nederland, Brazilië en Curaçao.
In Nederland met ervaringen in sociaal cultureel werk, Brazilië als zendeling Gereformeerde kerken in Nederland (nu PKN) en Curaçao omdat we door onze kinderen betrokken zijn geraakt bij dit mooie eiland in de Cariben. 





  Avondgebed 2 november 2020, Aller zielen   Gedachten bij dood, lijden en leed in Coronatijd Voor alle zielen.   Elke dag coronan...